| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
BESTELFORMULIER
BESCHRIJVING
RECENSIES
"Ik geloof dat Luyendijk een paar zonnestralen teveel heeft opgevangen onder de Midden-Oosterse zon, of wat te lang onder Saoedische mullahs heeft vertoefd." Gisteren presenteerde voormalig Midden-Oosten correspondent Joris Luyendijk zijn boek "Het zijn net mensen" in NOVA. Hij sprak over het feit dat het bijna niet mogelijk is om objectief over het Midden-Oosten te berichten, omdat woorden en beelden al haast automatisch een sympathie voor een partij uitdrukken. Hij gaf als voorbeeld dat er wel vier termen zijn om Israël mee aan te duiden, die allen de voorkeur uitdrukken voor de groep die ze gebruikt: Israël, Zionistische entiteit, Heilige Land, bezet Palestina. Je zou ze eigenlijk alle vier tegelijk moeten gebruiken, maar dat gaat nu eenmaal een beetje moeilijk, voegde hij eraan toe. De term Israël, gebruikt door onder andere de inwoners zelf en verder bijna iedereen die niet radicaal haar bestaanrecht afwijst, is dus opeens een propagandistisch woord geworden, dat eigenlijk alleen nog in combinatie met 'Zionistische entiteit' gebruikt kan worden, anders zou men eenzijdig het Israëlische narratief bevestigen. Ik geloof dat Luyendijk een paar zonnestralen teveel heeft opgevangen onder de Midden-Oosterse zon, of wat te lang onder Saoedische mullahs heeft vertoefd. Vervolgens legde hij uit dat er in de media veel meer aandacht is voor Israëlische doden dan voor Palestijnse, omdat de Israëlische door 'mediagenieke' aanslagen plaatsvinden en de Palestijnse door de bezetting, waar volgens hem niet de nadruk op ligt. Israël is dan ook succesvol in het presenteren van de terreur en niet de bezetting als de hoofdoorzaak van het conflict in de media. Dat de Palestijnen er zo bekaaid vanaf komen zou eraan liggen dat Israël professionele perscentra heeft waar men direct wordt doorverwezen naar nabestaanden van doden van een aanslag, of in geval van Israëlisch geweld, een mooi verhaal krijgt voorgeschoteld over hoezeer men onschuldige burgerslachtoffers betreurt, maar toch echt deze of gene terroristenleider uit de weg moest ruimen. De Palestijnen hebben niks van dit alles, zo verzuchtte Luyendijk, men neemt nog niet eens de telefoon op bij de gemeente een dag nadat er een incident heeft plaatsgevonden.
"...Dus ik wist totaal niet wat er aan de hand was, en pas dagen later bleek dat de Palestijnen die twee Israëlische soldaten hadden gelyncht omdat het gerucht de ronde ging dat zij een leider van hun verzetsbeweging uit de weg wilden ruimen".
Dit veranderde de zaak uiteraard volkomen. Waren Luyendijk en Jeroen Pauw het er zoëven nog roerend over eens dat de beelden van de lynchpartij (Ramallah, oktober 2000) gruwelijk waren, nu bleek er een gegronde reden voor te zijn, die men uiteraard niet in het Israëlische perscentrum te horen kreeg. Luyendijk beschreef de macht van het beeld, en erkende ook het Palestijnse gebruik hiervan, bijvoorbeeld wanneer een vrouw die haar kind heeft verloren voor het oog van de camera haar emoties de vrije loop laat. Dat dergelijke beelden veel overtuigender zijn dan wat men in een perscentrum te horen krijgt, lijkt hem echter te ontgaan, evenals het feit dat de media hier zich zeker niet beperken tot de Palestijnse terreur, en de bezetting, de muur, de checkpoints en onschuldige Palestijnse slachtoffers ruimschoots de aandacht krijgen (de muur is overigens zeer mediageniek, en figureert prominent in vele documentaires over het conflict; maar weinig mensen weten dat in feite slechts 5% daadwerkelijk een muur is). Misschien ligt het eraan dat Luyendijk de afgelopen jaren veel afwezig was vanwege zijn correspondentschap, en wellicht verklaart dit ook waarom hij meent dat Gretta Duisenberg voor vrede is (Op de vraag van Jeroen Pauw, of zij een goede woordvoerster is voor de Palestijnen in Nederland, zei hij dat de Hamas niet blij zal zijn met haar, daar zij het vredesproces steunt, iets waar ik haar nooit op heb kunnen betrappen). Na haar vergelijkingen van Israël met de Nazi's te hebben veroordeeld, zei hij dat ze het maar moeilijk heeft tegen de kolossale Israëlische lobby op te boksen. Echter juist deze vergelijkingen en haar vele 'uitglijders' en hatelijke opmerkingen jegens de Joodse gemeenschap ondermijnen haar geloofwaardigheid, evenals een totaal gebrek aan kennis van de geschiedenis van het conflict, niet een of andere duistere Joodse lobby (een van de meest propagandistische termen die ik ken, maar dat was nu opeens geen probleem voor Luyendijk). Ik stel voor dat een ieder die met de Joodse lobby schermt, het pleit bij voorbaat verliest. Allerlei organisaties lobbyen voor hun zaak, en dit is volkomen legitiem. Het Palestina Komitee, Stop de Bezetting, en tal van ontwikkelingsorganisaties bepleiten de Palestijnse zaak, schrijven brieven en artikelen naar kranten en spreken politici aan. Toch heb ik nog nooit iemand van een 'Palestijnse lobby' horen spreken. Als mensen het voor de Palestijnse zaak opnemen, gaat men er blijkbaar vanuit dat dit uit hooggestemde idealen van rechtvaardigheid en vrede gebeurt, terwijl men het voor Israël slechts uit duistere motieven kan opnemen. Waarom ruik ik toch zo'n vreemd luchtje aan deze mythe van de Joodse lobby? Ratna Pelle
MAIL A FRIEND
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||






